Dyslexie en ADHD: 2 labels, 1 verhaal?
Leestijd 4 minuten
Gebaseerd op het uitgebreide wetenschappelijke artikel van Silke Kellens, Dieter Baeyens & Pol Ghesquière in Lexima Magazine 2026
Dyslexie en ADHD lijken verschillend, maar komen opvallend vaak samen voor. Dit blogartikel vat het proefschrift van Silke Kellens samen over de vroege ontwikkeling van kleuters met een risico op dyslexie en/of ADHD. Het onderzoek bij bijna 130 kinderen toont welke gedeelde kwetsbaarheden er zijn en waarom vroeg herkennen en opvolgen zo belangrijk blijft.
Zijn dyslexie en ADHD verwant?
Meer dan je denkt. Terwijl dyslexie vooral lees- en spellingproblemen betreft en ADHD aandachts- en impulsiviteitsproblemen betreft,toont onderzoek dat:
- 15 tot 40% van de kinderen met één diagnose ook kenmerken van de andere vertoont.
- Die overlap niet toevallig is, maar wijst op gedeelde kwetsbaarheden in genetica, hersenontwikkeling en cognitieve processen.
- Beide stoornissen op zichzelf al een grote impact hebben op het zelfbeeld, schoolse vooruitgang en sociaal-emotioneel welzijn van kinderen.
Eerder onderzoek wees uit:
- Bij dyslexie komen vaker zwakke fonologische vaardigheden voor (moeilijkheden met klankstructuren herkennen en manipuleren).
- Bij ADHD gaat het vaker over zwakke executieve functies (o.a. aandacht sturen, impulscontrole, werkgeheugen).
Maar veel bestaande studies hielden onvoldoende rekening met kinderen die kenmerken van beide stoornissen combineren. Daardoor bleef lang onduidelijk welke cognitieve kenmerken specifiek of gedeeld zijn.
Recente onderzoeken tonen aan dat:
- Problemen met executieve functies niet exclusief zijn voor ADHD.
- Problemen met informatieverwerkingssnelheid zowel voorkomen bij dyslexie als ADHD én bij de combinatie van beide.
Deze inzichten sluiten nauw aan bij de resultaten van het proefschrift van Kellens.
Hoe ontwikkelen kleuters met een verhoogd risico zich? Het onderzoek ...
Voor haar studie volgde Kellens bijna 130 kleuters met:
- een risico op dyslexie,
- een risico op ADHD,
- of een risico op de combinatie van beide.
Hun ontwikkeling werd vergeleken met die van kinderen zonder risico. De onderzoekers onderzochten:
- fonologische vaardigheden,
- executieve functies,
- informatieverwerkingssnelheid,
- schoolse vaardigheden (o.a. lezen en spellen).
Het doel: nagaan hoe vroeg cognitieve kwetsbaarheden zichtbaar worden, en hoe die evolueren richting het derde leerjaar.
Executieve functies: een gedeelde kwetsbaarheid
Executieve functies worden vaak de “dirigent van het brein” genoemd. Ze bepalen hoe goed kinderen: aandacht richten, focus vasthouden, impulsen beheersen en relevante van irrelevante prikkels scheiden.
Ze hangen samen met schools succes en functioneren op lange termijn.
Wat bleek uit het onderzoek?
- Kleuters met een verhoogd risico op dyslexie -al dan niet gecombineerd met ADHD- tonen meer moeilijkheden met executieve functies dan kinderen zonder risico.
- Deze moeilijkheden zijn al zichtbaar op zeer jonge leeftijd.
- Alle kinderen ontwikkelen hun executieve functies sterk tussen de derde kleuterklas en het eerste leerjaar.
- Vooral kinderen die zwak starten, maken de grootste groei door, maar ze halen meestal niet het niveau van kinderen die al met sterkere executieve functies starten.
Waarom is dit belangrijk?
Executieve functies ontwikkelen in een periode waarin:
- de hersenen snel matureren,
- de schoolomgeving meer eisen stelt: stilzitten, beurt afwachten, taakfocussen,
- kinderen vanzelf meer kansen krijgen om deze functies te oefenen
Daarom is dit een kritieke periode voor vroege ondersteuning.
Zijn kleuters hierin voorspelbaar? Ja en nee.
Op 8-jarige leeftijd werden dezelfde kinderen opnieuw onderzocht. De resultaten tonen een belangrijk inzicht:
Ontwikkeling is niet-lineair
- Veel kinderen wisselen van profiel tussen kleuterleeftijd en derde leerjaar.
- Niet alle kinderen met verhoogd risico krijgen een diagnose; anderen krijgen net een diagnose die niet matcht met hun oorspronkelijke risicogroep.
- Soms duiken er bredere ontwikkelingsproblemen op, zoals autismespectrumstoornis.
- De dubbele risicogroep had de grootste kans op een diagnose, maar de uitkomst blijft voor elk kind individueel verschillend.
Wat betekent dit?
Een vroege kwetsbaarheid is geen vaststaand ontwikkelingspad.
Kinderen kunnen nog in verschillende richtingen evolueren — positief én negatief.
Wat betekent dit voor de praktijk in onderwijs en zorg?
Op basis van de onderzoeksresultaten zijn er drie belangrijke implicaties.
- Executieve functies verdienen een prominente plaats
Deze functies zijn een gedeelde kwetsbaarheid tussen dyslexie en ADHD en ze zijn mogelijks een sleutel tot het beter begrijpen, screenen en volgen van kwetsbare kinderen.
- Vroeg ingrijpen werkt
Net zoals bij leesproblemen, waar vroege interventies sterker scoren, kunnen ook volgende elementen een positief effect hebben: interventies voor aandacht, impulscontrole, werkgeheugen en taakgerichtheid. Meer onderzoek is nodig, maar de eerste aanwijzingen zijn hoopgevend.
- Kinderen met familiale aanleg nauwgezet opvolgen
Vroege signalen zijn niet altijd een garantie op latere problemen, maar betekenen wel dat volgende elementen essentieel blijven: extra opvolging, monitoring en samenwerking tussen school, ouders en zorg.
Conclusie
Dyslexie en ADHD delen meer dan hun labels doen vermoeden. Ze hebben overlappende cognitieve kwetsbaarheden, waarvan sommige al op kleuterleeftijd zichtbaar worden en dit vooral binnen de executieve functies.
Toch is de toekomst van een kind nooit in steen gebeiteld. Kinderen ontwikkelen, compenseren en groeien. Een vroege, goed afgestemde aanpak kan een groot verschil maken.
Wil je dieper ingaan op dit onderzoek? Lees dan het volledige artikel in Lexima Magazine 2026: “Twee labels, één verhaal? Wat dyslexie en ADHD met elkaar gemeen hebben” door Silke Kellens, Dieter Baeyens & Pol Ghesquière.
Conclusie
Dyslexie en ADHD delen meer dan hun labels doen vermoeden. Ze hebben overlappende cognitieve kwetsbaarheden, waarvan sommige al op kleuterleeftijd zichtbaar worden en dit vooral binnen de executieve functies.
Toch is de toekomst van een kind nooit in steen gebeiteld. Kinderen ontwikkelen, compenseren en groeien. Een vroege, goed afgestemde aanpak kan een groot verschil maken.
Wil je dieper ingaan op dit onderzoek? Lees dan het volledige artikel in Lexima Magazine 2026: “Twee labels, één verhaal? Wat dyslexie en ADHD met elkaar gemeen hebben” door Silke Kellens, Dieter Baeyens & Pol Ghesquière.