Leren en leven met dyslexie
-
Bastiaan (13), Varsenare: “Mijn eigen ezelsbruggetjes maken het verschil”Bastiaan merkte al snel dat hij anders las dan zijn klasgenoten. ‘Ik maakte veel meer fouten dan anderen,’ vertelt hij. Dat knaagde aan zijn zelfvertrouwen: hij durfde zelfs niets meer spontaan zeggen in de les Nederlands. Thuis vinden ze oplossingen op maat: ‘Mijn ouders leren mij trucjes, zotte ezelsbruggetjes die voor een ander misschien onlogisch zijn, maar voor mij wél werken.’ Jammer vindt hij dat voorleessoftware vanuit school vooral tijdens examens wordt aangeboden. Kleine aanpassingen, zoals het rode lijntje in Word mogen gebruiken, zouden al een groot verschil maken. Meer inzet van voorleessoftware in de les zou hem ook enorm helpen. Zo durft hij de extra techniekles hij niet te volgen, ‘want dan moet je eerst opdrachten lezen,’ zegt Bastiaan eerlijk. Zijn boodschap? ‘Schamen voor dyslexie hoef je je echt niet. Je bent niet alleen. En als je geen dyslexie hebt, pest er dan vooral niemand mee.’
-
Caroline (25), Antwerpen: “Je bent een persoon met dyslexie, geen dyslectisch persoon”Caroline begrijpt maar al te goed hoe zwaar dyslexie kan wegen: ‘Het doet heel veel met een mens, je voelt je soms dom, maar dat ben je niet.’ Ze pleit voor respectvolle terminologie en meer geïnformeerde leerkrachten. ‘Zij moeten meegeven dat je er ook mag zijn en ze zouden meer tips moeten kunnen geven.’ Zelf vond Caroline hulp in therapie en hulpmiddelen als Kurzweil en ChatGPT. Toch blijft het aspect van professionele communicatie, zoals mails, uitdagend. Haar trots? Het behalen van haar bachelor verpleegkunde diploma, ondanks alle obstakels.
-
Cédric (11), Lede: “Een zorgleerkracht die écht luistert, maakt het verschil”Trots vertelt Cédric over het behalen van zijn basisonderwijsgetuigschrift, ondanks leerproblemen. ‘Taal, zeker Frans, blijft moeilijk’, zegt hij, ‘en elke leerkracht pakt het anders aan.’ Samen met zijn moeder pleit hij voor meer kennis en duidelijke richtlijnen over dyslexie binnen scholen. Zijn zorgleerkracht in de bovenbouw luisterde echt, begreep hem en bood concrete hulpmiddelen zoals voorleessoftware en de Luisterpuntbib aan. ‘Daardoor kon ik veel vooruitgang boeken.’
-
Katrien (35), Vosselaar: “Heb begrip en straf fouten niet af”‘Bij het leren lezen kon ik het tempo van de klas niet volgen, dus leerde ik de tekstjes van buiten om ze op te zeggen. Daardoor haalde ik wel goede punten en bleef het probleem lang onopgemerkt. Pas in het vierde leerjaar werd bij Katrien leesachterstand vastgesteld en dyslexie gediagnosticeerd.’ Daarna begon ik met therapie en kwamen enkele aanpassingen, zoals het gebruik van schreefloze letters en het vet markeren van kernwoorden in vragen, die echt hielpen. Maar andere aanpassingen waren totaal nutteloos, bijvoorbeeld het vergroten van tekst of het afnemen van pauzes om extra tijd te krijgen, want zo had ik geen rust tussen examens. Hoewel ik nu goed meedraai, voelde ik me als leerling vaak zwak, dom en traag. Die onzekerheid komt soms nog terug en zorgt er ook voor dat ik professioneel minder snel doorgroei dan ik wil. Een kantelpunt was een sollicitatie waar mijn hoge IQ-testscore zwart op wit aantoonde dat ik me niet dom hoef te voelen. Nu ben ik voorleesouder op school en ook thuis lees ik voor. Kinderen maken geen punt van een klein foutje, die verbeteren dat gewoon. Mijn boodschap aan leerkrachten? Heb begrip voor fouten, straf ze niet af, maar pamper leerlingen ook niet. Gun moeilijke lezers hun tempo, maar geef nooit op. Ook wij met dyslexie kunnen zinsontleding en dt-regels leren, want waar een wil is, is een weg!
-
Kim, 38 jaar, uit Lubbeek: “Lees de inhoud, niet de fouten”Kim is leerkracht in het secundair. Ze vindt het nog steeds pijnlijk dat bij een werkmail vaak de nadruk ligt op schrijffouten en niet op de inhoud. “Iemand met dyslexie weet zelf heel goed dat die fouten er zijn,” vertelt ze. Zelf kreeg ze als kind weinig begrip op school, maar gelukkig bleef haar logopedist voor haar vechten, waardoor ze nu haar masterdiploma met onderscheiding behaalde. Tijdens haar studie ontwikkelde ze haar eigen leermethoden: leren door aanwezig te zijn in de les en de leerstof vooral te horen van de docent. Hulpmiddelen zoals ChatGPT, luisterboeken en fluostiften zijn waardevol. Kim pleit voor een einde aan het ‘watervalsysteem’ waarbij kinderen met leerproblemen de lat lager krijgen gelegd. Ze benadrukt: “Je bent even slim als anderen. Met de juiste begeleiding en maatregelen kun je alles bereiken!”
-
Laura (15), Putte: “Laat zien wat ik wél kan”Laura liep en loopt op school tegen heel wat drempels aan door haar leerstoornis. Al vanaf 4 à 5 jaar wist ze dat leren lezen en schrijven geen vanzelfsprekendheid zou zijn. Haar zelfvertrouwen kreeg hierdoor een flinke knauw, maar ze heeft het gevoel dat ze het beter accepteert dan sommige leerkrachten. Te vaak kwam ze leerkrachten tegen die dachten ‘dat ze het haar wel even snel gaan leren’ of die het gebruik van haar ondersteunende software verboden. Haar school kent en ondersteunt deze hulpmiddelen helaas niet altijd, terwijl ze haar juist enorm helpen: Alinea voorleessoftware, een voorleespen, luisterboeken, de inspraakfunctie op haar smartphone en ChatGPT. Laura roept op tot meer begrip: “Mensen moeten zien wat ik wél kan.” Gelukkig kan ze op een toegewijde mama rekenen die zich continue bijschoolt, nieuwe methodes zoekt en haar thuis ondersteunt. Laura sluit positief af: “Het lukt ook zo, want er zijn gelukkig veel hulpmiddelen, nu nog meer met AI.”
-
Marco (22), Hasselt: “Wees trots op elke kleine overwinning”Graduaatstudent Marco herinnert zich trots zijn eerste toets Nederlands die hij met Kurzweil mocht maken, waarbij hij voor het eerst positieve punten behaalde. Zijn moeder oefende urenlang met hem, want leren lezen verliep moeizaam, met veel schaamte en frustratie tot gevolg. Die frustraties ervaart hij nog steeds, bijvoorbeeld wanneer hij in een winkel de ingrediëntenlijst moet lezen. Daarom vraagt hij leerkrachten om geduld en vroege actie om een leerachterstand te beperken. Marco wil ook uitspreken dat mensen met dyslexie niet dom of lui zijn: “Wees trots op elke kleine overwinning en durf om hulp te vragen.” Tot op vandaag helpt zijn moeder hem nog bij schoolwerk en maakt hij gebruik van voorleessoftware en luisterboeken.
-
Veerle (50), Brecht: “Leerlingen met dyslexie moeten kansen krijgen”Veerle stuit nog vaak op de hardnekkige misvatting dat dyslexie te genezen is of dat mensen het gebruiken om onder taken uit te komen. Zelf voerde ze als kind een zware strijd en later ook als moeder van twee dochters met dyslexie. Pas op latere leeftijd behaalde ze haar diploma; ze belandde in het beroepsonderwijs en miste daardoor kansen voor verdere studies en een beter inkomen. De strijd die ze voerde voor haar dochters loonde: de oudste studeert aan de hogeschool, de jongste aan de universiteit. Zij hadden een geweldige middelbare school die alles deed om hun zelfvertrouwen op te bouwen. Veerle maakt de vaststelling dat er in sommige scholen nog teveel gebrek aan kennis is over dyslexie, terwijl eenvoudige hulpmiddelen zoveel kunnen helpen. “Waarom blijft het zo’n strijd om wettelijk toegestane hulpmiddelen te mogen gebruiken op alle onderwijsniveaus?” vraagt ze zich af. Haar tips: motiveer, vermijd tijdsdruk bij lezen, luister, studeer samen, zoek een passende school én bovenal: geloof erin en vecht ervoor!